Chat with us, powered by LiveChat
 
Direct bestellen

Praktijkverbruik auto: wat is het werkelijke brandstofverbruik?

Op papier lijkt de ene auto zuiniger dan de andere. Maar het werkelijk verbruik in de praktijk vertelt een heel ander verhaal. Een auto met een WLTP-opgave van 1 op 20 rijdt in de praktijk al snel 1 op 14. 

Het brandstofverbruik zoals fabrikanten dat opgeven is gemeten onder ideale laboratoriumomstandigheden, en die komen zelden overeen met het echte rijgedrag op Nederlandse wegen. Op deze pagina vind je het praktijkverbruik per brandstoftype, inclusief hybride en elektrisch, en lees je wat dat betekent voor de kosten van je wagenpark.

Waarom wijkt het werkelijk verbruik af van het opgegeven verbruik?

Het officieel opgegeven brandstofverbruik wordt gemeten via de WLTP-cyclus: een gestandaardiseerde laboratoriumtest op een rolbank, zonder wind, zonder regen en met een ideale rijtemperatuur. Dat maakt de cijfers goed vergelijkbaar tussen modellen, maar niet realistisch als voorspelling van het werkelijk verbruik op de weg.

In de praktijk spelen meerdere factoren een rol die het brandstofverbruik direct beïnvloeden:

  •   Rijstijl. Hard optrekken en laat remmen verhoogt het verbruik aanzienlijk.
  •   Wegtype. Stadsverkeer met veel optrekken en remmen kost meer dan rustig snelwegverkeer.
  •   Weersomstandigheden. Kou verlaagt de efficiëntie van verbrandingsmotoren en remt actieradius van EV’s sterk.
  •   Airconditioning en elektrische systemen. Die vergen extra vermogen, zeker bij elektrische voertuigen.
  •   Belading. Een vollere auto of aanhanger drijft het verbruik omhoog.
  •   Bandenspanning. Te lage druk verhoogt de rolweerstand en daarmee het brandstofverbruik.

Voor vlootbeheerders is dit praktisch relevant: het werkelijk verbruik van voertuigen kan structureel 10 tot 30 procent hoger liggen dan de WLTP-opgave. Dat verschil telt snel op als je tientallen voertuigen in je wagenpark hebt.

Waarom wijkt het werkelijk verbruik af van het opgegeven verbruik?

Het officieel opgegeven brandstofverbruik wordt gemeten via de WLTP-cyclus: een gestandaardiseerde laboratoriumtest op een rolbank, zonder wind, zonder regen en met een ideale rijtemperatuur. Dat maakt de cijfers goed vergelijkbaar tussen modellen, maar niet realistisch als voorspelling van het werkelijk verbruik op de weg.

In de praktijk spelen meerdere factoren een rol die het brandstofverbruik direct beïnvloeden:

  •   Rijstijl. Hard optrekken en laat remmen verhoogt het verbruik aanzienlijk.
  •   Wegtype. Stadsverkeer met veel optrekken en remmen kost meer dan rustig snelwegverkeer.
  •   Weersomstandigheden. Kou verlaagt de efficiëntie van verbrandingsmotoren en remt actieradius van EV’s sterk.
  •   Airconditioning en elektrische systemen. Die vergen extra vermogen, zeker bij elektrische voertuigen.
  •   Belading. Een vollere auto of aanhanger drijft het verbruik omhoog.
  •   Bandenspanning. Te lage druk verhoogt de rolweerstand en daarmee het brandstofverbruik.

Voor vlootbeheerders is dit praktisch relevant: het werkelijk verbruik van voertuigen kan structureel 10 tot 30 procent hoger liggen dan de WLTP-opgave. Dat verschil telt snel op als je tientallen voertuigen in je wagenpark hebt.

Praktijkverbruik per brandstoftype

Het praktijkverbruik verschilt per aandrijflijn. De onderstaande tabel geeft een indicatie van het officieel opgegeven verbruik (WLTP) en het gemiddelde werkelijke verbruik in de praktijk.

BrandstoftypeOfficieel verbruik (WLTP)Werkelijk verbruikBelangrijkste factoren
Benzine5,5 tot 6,5 l/100km6,5 tot 8,5 l/100kmRijstijl, stadsverkeer, belading, airco
Diesel4,5 tot 5,5 l/100km5,5 tot 7,0 l/100kmRijstijl, snelweg vs stad, koude motor
Hybride (PHEV)1,0 tot 2,5 l/100km4,0 tot 9,0 l/100kmLaadgedrag, ritlengte, aandeel elektrisch rijden
Elektrisch (BEV)15 tot 18 kWh/100km18 tot 25 kWh/100kmTemperatuur, snelheid, airco, laadverliezen

Wat betekent het werkelijk verbruik voor uw wagenpark?

Voor vlootbeheerders is het verschil tussen officieel verbruik en praktijkverbruik geen detail, het is een directe kostenpost. Stel dat je 50 bedrijfswagens hebt die elk 30.000 kilometer per jaar rijden. Als het werkelijk brandstofverbruik slechts 1 liter per 100 kilometer hoger uitvalt dan begroot op basis van WLTP-cijfers, scheelt dat al snel meer dan 22.000 liter brandstof per jaar. Bij een gemiddelde dieselprijs loopt dat op tot duizenden euro’s extra kosten, jaarlijks terugkerend.

Dit raakt drie concrete beslissingen in vlootbeheer:

  •   Budgettering. Gebruik het werkelijk verbruik als basis voor brandstofkostenprognoses, niet de WLTP-opgave.
  •   Wagenparkselectie. Auto’s die op papier zuinig ogen, kunnen in de praktijk duurder uitvallen dan een concurrent met een iets hogere WLTP-waarde maar een realistischer praktijkverbruik.
  •   Kostenallocatie per voertuig of project. Inzicht in het werkelijk verbruik per auto helpt bij het eerlijk verdelen van brandstofkosten over afdelingen of projecten.

Praktijkverbruik bijhouden via je tankpas is dan ook geen luxe, het is een basisinstrument voor goed vlootbeheer.

Hoe kunt u het praktijkverbruik van een auto opzoeken?

Via de Travelcard tankpas en het Fleet managementportaal houd je het werkelijk verbruik bij per voertuig en per bestuurder. Zo bouw je je eigen verbruiksdata op op basis van echte tanktransacties, specifiek voor jouw vloot en rijprofiel.

Tips om het brandstofverbruik in de praktijk te verlagen

Een lager praktijkverbruik begint bij rijgedrag en voertuigonderhoud. Deze tips helpen zowel individuele bestuurders als vlootbeheerders om het brandstofverbruik structureel te verlagen:

  •       Rijd vloeiend. Rustig optrekken en vroeg loslaten van het gas verlaagt het brandstofverbruik direct. Dit geldt voor benzine, diesel en elektrisch.
  •   Houd de bandenspanning op peil. Te lage bandendruk vergroot de rolweerstand en verhoogt het praktijkverbruik met gemiddeld 1 tot 3 procent.
  •       Plan routes slim. Vermijd onnodige omrijroutes en drukke ochtendspits waar mogelijk. Minder optrekken en remmen betekent minder verbruik.
  •   Beperk stationair draaien. Een draaiende motor zonder rijden verbruikt brandstof zonder kilometersopbrengst.
  •       Gebruik airco bewust. Airconditioninggebruik verhoogt het verbruik, zeker in stadsverkeer. Bij EV’s heeft het ook invloed op de actieradius.
  •       Monitor per bestuurder. Als vlootbeheerder zie je via de tankpas-rapportages welke bestuurders structureel meer verbruiken. Gerichte feedback helpt gedragsverandering.

Kan een tankpas helpen het brandstofverbruik te verlagen?

Ja. Een tankpas als de Travelcard geeft je inzicht in het werkelijk verbruik per voertuig, per bestuurder en per periode. Dat is de eerste stap om verbruik te sturen. Je ziet in het Fleet managementportaal precies waar, wanneer en hoeveel er getankt is.

Dat inzicht vertaalt zich naar lagere kosten: gerichte feedback aan bestuurders, beter onderbouwde keuzes bij wagenparkvernieuwing en realistischere brandstofbudgetten. Bekijk wat de Travelcard tankpas voor jouw wagenpark kan betekenen

Wat betekent het werkelijk verbruik voor uw wagenpark?

Voor vlootbeheerders is het verschil tussen officieel verbruik en praktijkverbruik geen detail, het is een directe kostenpost. Stel dat je 50 bedrijfswagens hebt die elk 30.000 kilometer per jaar rijden. Als het werkelijk brandstofverbruik slechts 1 liter per 100 kilometer hoger uitvalt dan begroot op basis van WLTP-cijfers, scheelt dat al snel meer dan 22.000 liter brandstof per jaar. Bij een gemiddelde dieselprijs loopt dat op tot duizenden euro’s extra kosten, jaarlijks terugkerend.

Dit raakt drie concrete beslissingen in vlootbeheer:

  •   Budgettering. Gebruik het werkelijk verbruik als basis voor brandstofkostenprognoses, niet de WLTP-opgave.
  •   Wagenparkselectie. Auto’s die op papier zuinig ogen, kunnen in de praktijk duurder uitvallen dan een concurrent met een iets hogere WLTP-waarde maar een realistischer praktijkverbruik.
  •   Kostenallocatie per voertuig of project. Inzicht in het werkelijk verbruik per auto helpt bij het eerlijk verdelen van brandstofkosten over afdelingen of projecten.

Praktijkverbruik bijhouden via je tankpas is dan ook geen luxe, het is een basisinstrument voor goed vlootbeheer.

Hoe kunt u het praktijkverbruik van een auto opzoeken?

Via de Travelcard tankpas en het Fleet managementportaal houd je het werkelijk verbruik bij per voertuig en per bestuurder. Zo bouw je je eigen verbruiksdata op op basis van echte tanktransacties, specifiek voor jouw vloot en rijprofiel.

Tips om het brandstofverbruik in de praktijk te verlagen

Een lager praktijkverbruik begint bij rijgedrag en voertuigonderhoud. Deze tips helpen zowel individuele bestuurders als vlootbeheerders om het brandstofverbruik structureel te verlagen:

  •       Rijd vloeiend. Rustig optrekken en vroeg loslaten van het gas verlaagt het brandstofverbruik direct. Dit geldt voor benzine, diesel en elektrisch.
  •   Houd de bandenspanning op peil. Te lage bandendruk vergroot de rolweerstand en verhoogt het praktijkverbruik met gemiddeld 1 tot 3 procent.
  •       Plan routes slim. Vermijd onnodige omrijroutes en drukke ochtendspits waar mogelijk. Minder optrekken en remmen betekent minder verbruik.
  •   Beperk stationair draaien. Een draaiende motor zonder rijden verbruikt brandstof zonder kilometersopbrengst.
  •       Gebruik airco bewust. Airconditioninggebruik verhoogt het verbruik, zeker in stadsverkeer. Bij EV’s heeft het ook invloed op de actieradius.
  •       Monitor per bestuurder. Als vlootbeheerder zie je via de tankpas-rapportages welke bestuurders structureel meer verbruiken. Gerichte feedback helpt gedragsverandering.

Kan een tankpas helpen het brandstofverbruik te verlagen?

Ja. Een tankpas als de Travelcard geeft je inzicht in het werkelijk verbruik per voertuig, per bestuurder en per periode. Dat is de eerste stap om verbruik te sturen. Je ziet in het Fleet managementportaal precies waar, wanneer en hoeveel er getankt is.

Dat inzicht vertaalt zich naar lagere kosten: gerichte feedback aan bestuurders, beter onderbouwde keuzes bij wagenparkvernieuwing en realistischere brandstofbudgetten. Bekijk wat de Travelcard tankpas voor jouw wagenpark kan betekenen

Spring naar toolbar